1. Laatste nieuwsbrief van 2016

Beste relaties,

Hierbij doen wij u de laatste nieuwsbrief van 2016 toekomen.

Wat is het jaar toch weer voorbij gevlogen! Gelukkig een jaar met een herstellende economie, ondanks of misschien wel dankzij een Brexit, een verrassende nieuwe president van Amerika of een aftredende Italiaanse premier. Ook de op volle toeren draaiende aandelenbeurzen halen de records weer binnen. Heeft u zelf ook een goed jaar gehad of ervaart u nog de naweeën van de crisis?

Wij zijn zelf in 2016 druk doende geweest om onze digitaliseringsslag verder te vervolmaken en de voorbereidingen voor de uitfasering van het pensioen in eigen beheer bij onze relaties uit te zetten.
Daarnaast zijn we gestart met onze processen in het jaarrekeningtraject zo veel mogelijk “lean” in te richten met als doel de klantwaarde zo groot mogelijk te maken.
Tenslotte zijn we samen met Sander Kuijpers, op de fundamenten van onze ruime ervaring op het gebied van alternatieve financieringen en zijn expertise, in september gestart met ons nieuwe bedrijf, SmitsVandenBroek Bedrijfsfinancieringen. Een bedrijf dat zich nu al begint te ontwikkelen tot dé aanbieder van bedrijfsfinancieringen op maat in de regio en ver daarbuiten.

Allemaal ontwikkelingen om het u nog gemakkelijker te maken om te doen waar u goed in bent: het ondernemen zelf. Wij zien het jaar 2017 dan ook met het volste vertrouwen tegemoet.

Wij danken u voor het in ons gestelde vertrouwen het afgelopen jaar en hopen u nog lang van dienst te mogen zijn.

Tenslotte wensen wij u fijne feestdagen en een prachtig 2017 toe!

Namens directie en medewerkers,

Erwin Simons

2. Beleggen in box 3 of in de B.V.

Voor de heffing van de inkomstenbelasting wordt het inkomen uit sparen en beleggen forfaitair belast. Dit zogenoemde box 3 inkomen wordt, ongeacht het werkelijk behaald rendement, gesteld op 4% van het totale spaar- en beleggingsvermogen, verminderd met een heffingsvrij vermogen. De verschuldigde inkomstenbelasting bedraagt dan 30% van het op forfaitaire wijze bepaald rendement.

Wijziging heffing box 3 vanaf 2017

Vanaf 1 januari 2017 wordt de belastingheffing dus anders bepaald. Het tarief van 30% blijft, het forfaitair rendement van 4% verdwijnt. Er komen verschillende (forfaitaire) rendementspercentages voor verschillende vormen van sparen en beleggen. Deze wijzingen resulteren in de navolgde tariefstructuur, met betrekking tot de omvang van het vermogen na aftrek van het heffingsvrij vermogen (€ 25.000):

vermogen tot € 100.000 2,87% max – € 2.151
vermogen vanaf € 100.000 tot € 1.000.000 4,60% max – € 41.400
vermogen meer dan € 1.000.000 5,39%

Beleggen in de BV: alternatief voor box 3?
De vraag dient zich aan of er alternatieven zijn voor het beleggen in box 3. Hieronder wordt aan de hand van een aantal berekeningen zichtbaar gemaakt of beleggen in de B.V. goedkoper is bij een werkelijk behaald rendement van 1% en 3,27%.

Uitwerking alternatief B.V. bij 1% rendement

    • Opbrengst 1% van € 1.000.000 = € 10.000
    • Belastingheffing in de B.V.

Vennootschapsbelasting 20% van € 10.000 = € 2.000
Aanmerkelijk belangheffing 25% van € 8.000 = – 2.000

Totale heffing € 4.000

  • Belastingheffing in box 3 € 13.065

Uitwerking alternatief B.V. bij 3,27% rendement

    • Opbrengst 3,27% van € 1.000.000 = € 32.700
    • Belastingheffing in de B.V.

Vennootschapsbelasting 20% van € 32.700 = € 6.540
Aanmerkelijk belangheffing 25% van € 26.160 = – 6.540

Totale heffing € 13.080

  • Belastingheffing in box 3 € 13.065

Bij een rendement van minder dan 3,27% is het uit fiscaal oogpunt voordeliger te beleggen in de B.V. Dit voordeel kan mogelijk hoger zijn in het geval de B.V. wordt omgevormd naar een vrijgestelde beleggingsinstelling (VBI).

Raadpleeg uw adviseur over de mogelijkheden.

3. Afschaffing pensioen in eigen beheer bijna rond!


Nog even en dan is de afschaffing van het pensioen in eigen beheer een feit. De Tweede Kamer is al akkoord met dit plan van het kabinet. Als ook de Eerste Kamer in december met de afschaffing instemt, kunt u vanaf 1 januari 2017 geen pensioen meer opbouwen in eigen beheer. Binnenkort moet u rekening houden met enkele praktische zaken en staat u voor de keuze: afkopen van het pensioen met een belastingkorting, omzetten in een spaarverplichting of het eigenbeheerpensioen ongewijzigd laten.

Ongeacht voor welke mogelijkheid u kiest, is de verdere opbouw van pensioen in eigen beheer vanaf 1 januari 2017 niet meer mogelijk. Nu de opbouw stopt, moet u vóór 1 april 2017 nog de volgende acties ondernemen:

  • Het premievrij maken van het pensioen in eigen beheer.
  • De algemene vergadering van aandeelhouders moet een besluit nemen over het stoppen van opbouw van pensioen in eigen beheer.
  • De pensioenbrief waarin de pensioenaanspraken met uw bv zijn vastgelegd, zal moeten worden aangepast. U moet hierin vastleggen dat de opbouw van het eigenbeheerpensioen stopt.
  • Heeft u ook nog een deel van uw pensioen extern verzekerd en wilt u die opbouw voortzetten, dan moet er een nieuwe pensioenbrief worden opgemaakt. Hierin moet worden vastgelegd dat alleen de extern ondergebrachte pensioenaanspraken worden voortgezet.
  • In geval van een extern verzekerd nabestaandenpensioen, de pensioenbrief aanpassen. Hierin moet worden vastgelegd dat de aanspraak op het nabestaandenpensioen ongewijzigd doorloopt bij de externe verzekeraar.
  • Aanpassen van een door de bv afgesloten risicoverzekering ter afdekking van het overlijdensrisico.

Terughalen extern verzekerd pensioendeel
Heeft u naast pensioenopbouw in eigen beheer ook nog een deel van het pensioen extern verzekerd (bij een verzekeringsmaatschappij) dan mag u dit pensioendeel terughalen naar eigen beheer. Dit kan voordelig zijn als u het pensioen in 2017, 2018 of 2019 wilt afkopen of wilt omzetten in een oudedagsverplichting.

Let op!
Wilt u het extern verzekerd pensioendeel nog terughalen naar eigen beheer, dien hiervoor dan op tijd een verzoek in bij de verzekeraar. Deze moet uw verzoek tot overdracht vóór 1 april 2017 hebben ontvangen. De administratieve afhandeling kan dan, binnen de gebruikelijke termijnen, daarna plaatsvinden.

Tip:
Terughalen van een extern verzekerd pensioen vergt een goede afweging. U heeft in het verleden namelijk niet voor niets gekozen voor een extern verzekerd pensioen voor uw oude dag.

Aan u de keuze
Wat moet u doen met het reeds opgebouwde pensioen in eigen beheer? De komende drie jaar (2017, 2018 en 2019) heeft u de keuze tussen de volgende drie mogelijkheden:

    1. Afkopen met een belastingkorting: uw pensioenaanspraak wordt allereerst zonder fiscale gevolgen afgestempeld van commerciële naar fiscale (balans)waarde. Vervolgens kunt u de afgestempelde pensioenaanspraak tegen een belastingkorting afkopen. Doet u dit in 2017, dan is de korting 34,5%. U bent dan loonheffing verschuldigd over 65,5% van de fiscale waarde van de pensioenverplichting op 31 december 2015. Waardestijgingen na die datum zijn wel volledig belast. In 2018 bedraagt de belastingkorting 25% en in 2019 19,5%. Verder bent u geen revisierente verschuldigd.
    2. Omzetten in een oudedagsverplichting: in plaats van afkopen, zet u de afgestempelde pensioenaanspraak dan om in een spaarverplichting voor de oude dag: de oudedagsverplichting. Bij deze mogelijkheid houdt u het geld en uw aanspraak voor de oude dag binnen de bv. Na omzetting is verdere opbouw echter niet meer mogelijk. Wel moet uw oudedagspotje tot pensioendatum worden opgerent tegen de voorgeschreven marktrente. Bij het bereiken van de pensioendatum ontvangt u kort gezegd vanuit de bv gedurende twintig jaar oudedagsuitkeringen.

 

Tip:
U mag de oudedagsverplichting ook alsnog afkopen. Doet u dit in 2017, 2018 of 2019 dan kunt u profiteren van de belastingkorting. Na 2019 bent u bij afkoop over de volledige oudedagsverplichting loonbelasting en revisierente verschuldigd.

  1. Pensioen in eigen beheer ongewijzigd laten: u kunt er ook voor kiezen om niets te doen. In dat geval blijven de huidige regels gelden. Vanaf 1 januari 2017 is echter geen verdere opbouw van het eigenbeheerpensioen meer mogelijk. De jaarlijkse actuariële oprenting van reeds opgebouwde pensioenrechten is wel verplicht en, afhankelijk van de pensioentoezegging, is mogelijk ook jaarlijkse indexering nodig.

Uw (ex-)partner in beeld
De afstempeling en afkoop van uw pensioenaanspraken, dan wel de omzetting hiervan in een oudedagsverplichting, kan niet zonder instemming van uw (ex-)partner. Dit heeft namelijk ook gevolgen voor zijn of haar pensioenrechten. Ter bescherming van deze rechten zal uw (ex-)partner hierover goed moeten worden geïnformeerd. Om mogelijke problemen in de toekomst te voorkomen, zijn goede afspraken noodzakelijk!

Ook een eventuele compensatie aan uw partner voor het verlies aan rechten over een deel van het in eigen beheer opgebouwde ouderdomspensioen (partnerpensioen) kan aan de orde zijn, zeker als u onder huwelijkse voorwaarden bent gehuwd. Afhankelijk van het huwelijksgoederenregime is een passende compensatie geboden. Er kan anders sprake zijn van een (belaste) schenking. Directe betaling van een passende compensatie is echter niet vereist. Compensatie kan op allerlei manieren worden vormgegeven en hangt helemaal af van uw persoonlijke situatie.

Let op!
Van een belastbare schenking is over het algemeen geen sprake indien u gehuwd bent in algehele gemeenschap van goederen. Dat geldt ook als u bent gehuwd onder uitsluiting van iedere gemeenschap, maar met een wederkerig finaal verrekenbeding bij overlijden of echtscheiding alsof u in gemeenschap van goederen bent gehuwd.

Stel de Belastingdienst op de hoogte
U zult de Belastingdienst op de hoogte moeten stellen van de keuze die u samen met uw (ex-)partner heeft gemaakt. Vanaf 1 januari 2017 is hiervoor een speciaal informatieformulier beschikbaar op de site van de Belastingdienst. Met dit formulier moet u binnen één maand ná de afkoop van de fiscale pensioenaanspraak of de omzetting in een oudedagsverplichting, een aantal gegevens aanleveren, zoals: persoonsgegevens, gegevens van uw bv, het tijdstip van afkoop of omzetting en de fiscale balanswaarde van de pensioenaanspraak op vier verschillende momenten.

Let op!
Het is belangrijk dat u op tijd aan deze informatieplicht voldoet. De Belastingdienst beschouwt uw pensioenaanspraak anders als ‘onzuiver’ met alle vervelende gevolgen van dien.

Dit speciale informatieformulier moet door zowel u als uw (ex-)partner zijn ondertekend. Op die manier is het voor de Belastingdienst ook kenbaar dat uw (ex-)partner instemt met de afstempeling en afkoop of omzetting van de pensioenaanspraken.

Let op!
Ondertekening van het informatieformulier door uw ex-partner is niet nodig als destijds bij echtscheiding conversie van pensioenaanspraken heeft plaatsgevonden. Door die conversie heeft uw ex-partner een eigen recht op pensioen gekregen.

4. Modelovereenkomsten op een laag pitje


De handhaving rondom de Wet DBA is in ieder geval uitgesteld tot 1 januari 2018. Dit betekent dat opdrachtgevers en opdrachtnemers tot die tijd geen naheffingen en boetes krijgen, tenzij sprake is van kwaadwillende opdrachtgevers. De Belastingdienst heeft op haar website aangegeven hoe u voorlopig om kunt gaan met de modelovereenkomsten.

Onderzoek arbeidswetgeving
Het kabinet gaat de komende tijd de arbeidswetgeving nader beoordelen en met name onderzoeken hoe de begrippen ‘gezagsverhouding’ en ‘geen verplichting tot persoonlijke arbeid’ concreter en meer in lijn met het huidige maatschappelijke beeld van arbeidsverhoudingen kunnen worden ingevuld.

Wat nu?
Totdat de resultaten van dit onderzoek bekend zijn, kunt u de modelovereenkomsten voorlopig op een laag pitje zetten. Dit betekent dat als u met een modelovereenkomst werkt, u dit niet hoeft te stoppen maar die werkwijze gewoon kunt voortzetten. Werkt u nog niet volgens een modelovereenkomst dan hoeft u dat nu ook nog niet te gaan doen. Concreet betekent dit dat u dus geen modelovereenkomst hoeft af te sluiten, dat u uw werkwijzen nog niet hoeft aan te passen en dat u ook geen eigen overeenkomsten meer hoeft voor te leggen aan de Belastingdienst. U kunt er gewoon voor kiezen om de resultaten van het onderzoek af te wachten. De Belastingdienst zal u geen naheffingen of boetes opleggen.

Kwaadwillende opdrachtgevers
Er geldt een uitzondering voor kwaadwillende opdrachtgevers. Bij hen gaat de Belastingdienst vanaf 1 mei 2017 onverkort handhavend optreden. U hoeft echter niet bang te zijn dat u al snel als kwaadwillend wordt aangemerkt. Daarvoor moet u, terwijl u weet of had kunnen weten dat feitelijk sprake is van een dienstbetrekking, echt opzettelijk een situatie van evidente schijnzelfstandigheid laten ontstaan of voortbestaan. Het gaat dus niet om de situatie waarin mogelijk onzekerheid is over het begrip gezagsrelatie, maar alleen om opdrachtgevers die opereren in een context van opzet, fraude of zwendel.

5. 5 tips voor schenken familiebedrijf

Het kan interessant zijn om het bedrijf aan uw kinderen te schenken. U neemt een financieringsprobleem weg bij het kind. Daarnaast zijn er veel fiscale faciliteiten speciaal voor familiebedrijven. Hier volgen vijf tips.

Schenken is fiscaal hetzelfde als verkopen. U staakt fiscaal het bedrijf en moet afrekenen over de stille reserves en goodwill. Dit zou meteen een liquiditeitsprobleem opleveren. Logischerwijs krijgt de begiftigde te maken met schenkbelasting. Bij de overdracht van het bedrijf kan ook btw een rol spelen. Heeft u een eigen bedrijfspand dan moet rekening worden gehouden met overdrachtsbelasting. Kortom: met welke belastingen krijgen u en uw opvolger(s) te maken? En van welke faciliteiten kunt u gebruik maken?

Tip 1
Bij het schenken moet u de waarde van het bedrijf bepalen. De stakingswinst bestaat uit de werkelijke waarde minus de boekwaarde van uw bedrijf. De belastingclaim over de stakingswinst kunt u doorschuiven naar uw kind. Een voorwaarde is wel dat het kind gedurende 36 maanden voorafgaand aan de schenking bij het bedrijf betrokken moet zijn geweest. Dat kan door een dienstverband of als medeondernemer in bijvoorbeeld een vof.

Let op!
Treedt uw kind toe tot de vof en u legt niets vast, dan kan er fiscaal sprake zijn van staking van een deel van uw bedrijf. Staken betekent dan afrekenen.

Tip 2
Bij schenken van het bedrijf hevelt u ondernemingsvermogen over naar de volgende generatie. Hierbij komt schenkbelasting om de hoek kijken.

De Successiewet geeft een ruime vrijstelling van 100% tot € 1.000.000. Daarboven is een vrijstelling van toepassing van 83%. Boven de € 1.000.000 is dus 17% van de waarde belast voor de schenkbelasting. Zonder deze faciliteit zou maximaal 20% (tarief kinderen) erfbelasting over het ondernemingsvermogen verschuldigd zijn. Met deze faciliteit daalt de belastingdruk (boven een waarde van € 1.000.000) tot 3,4%.

Let op!
Deze vrijstelling is voorwaardelijk. De begiftigde moet de onderneming voor minimaal vijf jaar voortzetten. Pas daarna is de vrijstelling definitief.

Tip 3
Moet er uiteindelijk toch schenkbelasting worden betaald, dan kunt u (rentedragend) uitstel van betaling aanvragen voor de duur van tien jaar.

Tip 4
Heeft u een eigen bedrijfspand dan kan de begiftigde gebruik maken van een vrijstelling van de overdrachtsbelasting. Het bedrijf met het pand moet dan wel worden voortgezet.
De vrijstelling geldt ook als u het bedrijf vanuit een eenmanszaak voortzet met een van uw kinderen in de vorm van een vof.

Tip 5
Bij de overdracht van een bedrijf in zijn geheel is er een vrijstelling voor de btw.

Tip:
Door de vele faciliteiten worden fiscale belemmeringen weggenomen. Het kan daarom interessant zijn uw bedrijf te schenken. Maar let op, een bedrijfsopvolging binnen de familie blijft ingewikkeld. Laat u daarom adviseren door uw adviseur.

6. Lage bijtelling nul-emissie auto vanaf 2019 beperkt

Volgend jaar wijzigen de bijtellingspercentages en blijven er voor nieuwe auto’s nog maar twee percentages over: 4% voor nul-emissie auto’s en 22% voor alle andere auto’s. Voor 2018 blijft dit gehandhaafd, maar vanaf 2019 geldt voor nul-emissie auto’s op batterij een beperking.

Bijtelling 2017 en 2018

Voor auto’s met een datum eerste toelating op de weg in 2017 of 2018, gelden de volgende bijtellingspercentages:

CO2-uitstoot Bijtelling
0 4%
Meer dan 0 22%

De bijtelling van 4% geldt gedurende 60 maanden.

Bijtelling 2019
Voor 2019 is een beperking van de lage bijtelling voor nul-emissie auto’s op batterij gepland. De bijtelling van 4% geldt dan alleen nog tot een cataloguswaarde van € 50.000, voor het meerdere bedraagt de bijtelling dan 22%.

Tip
De beperking geldt alleen voor nul-emissie auto’s op batterij. Voor nul-emissie auto’s op waterstof blijft de bijtelling 4% over de gehele cataloguswaarde.

CO2-uitstoot Bijtelling
0 (op batterij) 4% tot € 50.000, daarboven 22%
0 (op waterstof) 4% onbeperkt
Meer dan 0 22%

Alleen voor nieuwe auto’s
Uit de wetteksten was niet duidelijk of de beperking voor de nul-emissie auto alleen geldt voor nieuwe auto’s of ook voor auto’s die al vóór 2019 een eerste toelating op de weg hadden. Onlangs is bekend geworden dat de beperking alleen geldt voor nieuwe auto’s. De nul-emissie auto met een eerste toelating op de weg in 2017 of 2018 blijft dus gewoon vanaf 2019 gedurende de gebruikelijke 60 maanden een bijtelling houden van 4% over de gehele cataloguswaarde, ook voor zover deze groter is dan € 50.000.

7. Waar houdt u uw kerstborrel?

Doe dit jaar eens wat anders met de kerstborrel. Door de juiste keuzes te maken kunt u wellicht belasting besparen. Houdt u al jaren de kerstborrel buiten de deur, denk dan eens na over een kerstborrel in uw eigen bedrijf. Met een leuke aankleding en een goede catering is dit misschien wel net zo gezellig. En het scheelt u straks wellicht ook 80% belastingheffing. De kerstborrel buiten de deur komt bij aanwijzing immers ten laste van uw vrije ruimte, terwijl de borrel binnenshuis op nihil gewaardeerd is. Heeft u nog voldoende vrije ruimte over in 2016, dan kunt u de kerstborrel buiten de deur uiteraard onbelast in uw vrije ruimte onderbrengen. Komt u vrije ruimte te kort en wilt u de borrel toch buiten de deur houden, vervang de kerstborrel dan eens door een nieuwjaarsborrel. De nieuwjaarsborrel kunt u dan immers in uw vrije ruimte 2017 onderbrengen.

8. Betaalt u niet te veel WGA-premie in 2017?

De Belastingdienst is gestart met het versturen van de nieuwe beschikkingen Werkhervattingskas (Whk). De door u verschuldigde gedifferentieerde premie Whk hangt af van verschillende factoren. Daardoor kan het voorkomen dat de Whk-beschikking 2017 die u ontvangt, gebaseerd is op onjuiste gegevens. Controleer de beschikking dan ook goed. Vraag ook de lijsten op van de uitkeringen van (ex-)werknemers die aan u worden toegerekend. Mogelijk staan op de lijst werknemers die nooit bij u in dienst zijn geweest dan wel op wie de no-riskpolis van toepassing was, zodat u niet opdraait voor de betreffende uitkering. Kloppen de gegevens niet, dien dan binnen zes weken na de dagtekening van de beschikking bezwaar in. Natuurlijk kunnen wij u daarbij van dienst zijn.

CONTACT

Laat hier een bericht achter. We nemen zo spoedig mogelijk contact met u op!

Not readable? Change text. captcha txt